Einde inhoudsopgave
De cyberverzekering vanuit civielrechtelijk perspectief (O&R nr. 129) 2021/IV.2.3
IV.2.3 Samenloop eigen schuld en bereddingsplicht?
mr. N.M. Brouwer, datum 01-06-2021
- Datum
01-06-2021
- Auteur
mr. N.M. Brouwer
- JCDI
JCDI:ADS278811:1
- Vakgebied(en)
Informatierecht / ICT
Verzekeringsrecht / Schadeverzekering
Voetnoten
Voetnoten
M.L. Hendrikse e.a., Verzekeringsrecht, Kluwer: Deventer 2015, p. 558.
Ibid, p. 558-560. Anders: HR 23 oktober 1992, NJ 1992/814 (De Gans/Nationale Nederlanden), bestreden door Blom, Vrb. 1993/3, p. 21-22.
Vgl. Hof Amsterdam 18 januari 2011, ECLI:NL:GHAMS:2011:BP6224 (DL/SRA) resp. Hoge Raad 15 april 2011, NJ 2011/179 (besmette cacao), resp. Hoge Raad 30 november 2007, NJ 2007/641 (Staedion).
HR 13 juni 1975, NJ 1975/509 (Amercentrale).
Zie Asser/Wansink, Van Tiggele & Salomons 7-IX 2019/574 en Hendrikse, Verzekeringsrecht, Deventer: Kluwer 2019, p. 641-642.
K.W. Brevet, ‘Beredding en eigen schuld’, in: N. van Tiggele-Van der Velde e.a. (reds.), De Wansink-bundel Van draden en daden, Deventer: Kluwer 2006, p. 130-132. In navolging van Dutilh (I.J. Dutilh in: 2000 Weken rechtspraak, Arresten van de Hoge Raad der Nederlanden gewezen in zaken, bepleit door mr. C.R.C. Wijckerheld Bisdom, advocaat, Zwolle: W.E.J. Tjeenk Willink 1978, p. 131) pleit Brevet voor gelijktrekking van de schuldgradaties in de leerstukken eigen schuld en bereddingsplicht. Zie tevens Asser/Wansink 2019/574 en Hendrikse 2019, p. 642.
Het temporele toepassingsgebied van de bereddingsplicht is vrij ruim.1 In de literatuur is daarom de vraag gesteld of er een samenloop mogelijk is tussen eigen schuld en de bereddingsplicht.
Deze samenloop is niet mogelijk indien het schadevoorval reeds heeft plaatsgevonden. Als de schade is ingetreden wordt aan artikel 7:952 BW niet meer toegekomen. In de fase net voorafgaand aan het intreden van de schade is dat anders: dan is samenloop wel mogelijk.2 In het Amercentrale-arrest oordeelde de Hoge Raad dat het enkele feit dat een verzekerde hoe dan ook maatregelen had moeten treffen, bijvoorbeeld uit hoofde van een overeenkomst (bewaarneming, aanneming van werk of huur),3 of uit hoofde van zijn algemene zorgvuldigheidsverplichting om schade te voorkomen, de betekenis van de bereddingsplicht onverlet laat.4 In de periode vlak vóór het plaatsvinden van het schadevoorval kunnen schuld (algemene voorzorgsmaatregelen) en beredding (bijzondere noodmaatregelen) elkaar dus overlappen.
De samenloop tussen eigen schuld en bereddingsplicht kan leiden tot botsende rechtsregels. Zo wordt bijvoorbeeld bij een beroep op schending van de bereddingsplicht de nalatigheid van ondergeschikten en hulppersonen wel aan de verzekerde toegerekend, terwijl eigen schuld uitsluitend ziet op gedrag van de verzekerde zelf.5 Daarnaast wordt bij de beoordeling van eigen schuld wegens schending van de zorgvuldigheidsnorm uitgegaan van een andere maatstaf dan bij de beoordeling van het al dan niet nakomen van de bereddingsplicht.6 In het eerste geval wordt dan bijvoorbeeld getoetst aan opzet in de zin van artikel 7:952 BW, terwijl in het laatste geval de normale toerekeningsregels worden toegepast. Ik meen dat deze botsing zich in mindere mate voordoet indien in de polisvoorwaarden een lagere schuldgradatie is opgenomen dan opzet of roekeloosheid. De meeste cyberverzekeringen bevatten bijvoorbeeld de verplichting om ‘redelijke voorzorgsmaatregelen’ te treffen. De toetsingsmaatstaven lopen dan weinig uiteen.