Einde inhoudsopgave
Sfeerovergangen in de winstsfeer (FM nr. 172) 2022/5.3.3.3
5.3.3.3 Implementatie van de ATAD-Richtlijn
Mr. dr. B.F.M. Coebergh, datum 01-11-2021
- Datum
01-11-2021
- Auteur
Mr. dr. B.F.M. Coebergh
- JCDI
JCDI:ADS630421:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Heffingsbevoegdheid
Vennootschapsbelasting / Winstbepaling
Inkomstenbelasting / Winst
Voetnoten
Voetnoten
Vraag nr. 886 van 24 maart 2016 van Kamerlid VAN BIESEN, Vr. en Antw. Kamer 201516.nr. 5470, 242.
Deze uitlating is gedaan voor implementatie van de ATAD-richtlijn en gaat derhalve nog niet over de situatie dat er wel sprake is van een verplichte step-up bij immigratie.
Pinte, Peeters en Possoz. Deze Belgische auteurs suggereren dat de wetgever zich alvast zou kunnen laten inspireren op het voorstel van de ATAD-Richtlijn om die dubbele belasting te voorkomen, wat dan wellicht aanleiding zal geven tot een breuk tussen de boekhoudkundige balans en de fiscale balans, als gevolg van het samengaan van continuïteit en discontinuïteit.
Artikel 17, 19 en 61, 2°, W 25.12.2017).
Tot 1 januari 2019 hanteerde België in geval van immigratie de regel dat moest worden uitgegaan van de waarde welke bleek uit de commerciële jaarrekening. Uit het voormalig artikel 184ter, § 2, tweede lid WIB 1992 bleek dat voor de vaststelling van latere belastbare meerwaarden in principe moet worden uitgegaan van de boekwaarde van de activa van de immigrerende vennootschap op het moment van de zetelverplaatsing. Er was derhalve geen sprake van een step-up naar de werkelijke waarde van de vermogensbestanddelen indien die niet in de commerciële jaarrekening was verwerkt. De Belgische Minister van Financiën heeft in antwoord op een parlementaire vraag geantwoord dat een meerwaarde verwezenlijkt door een geïmmigreerde vennootschap volledig belastbaar was in België, ook al ontstond die meerwaarde deels vóór de zetelverplaatsing.12 Hierdoor kon dubbele heffing ontstaan. In de Belgische fiscale literatuur is hier de nodige kritiek op geuit. Er is betoogd dat dit moeilijk te rijmen is met de regels betreffende de verdeling van de heffingsbevoegdheid in het internationaal en Europees kader.3 Vanaf 2019 heeft België dit systeem aangepast als gevolg van de ATAD-richtlijn waarin is bepaald dat lidstaten verplicht exitheffingen moeten invoeren en een step-up naar de waarde in het economische verkeer moeten verlenen bij aanvang van de belastingplicht als gevolg van een immigratie.
Per 1 januari 2019 heeft België de exitregeling uitgebreid, zodat de exitregeling geldt voor alle in de ATAD-richtlijn voorgeschreven sfeerovergangen. Ook geldt er een wettelijke step-up. Als de overdracht gebeurt vanuit een land waarmee uitwisseling van fiscale inlichtingen mogelijk is op grond van een bilateraal akkoord of een bilateraal of multilateraal gesloten juridisch instrument en dat land de waarde van de overgedragen bestanddelen vaststelt naar aanleiding van die overdracht, wordt die waarde in België aanvaard als startwaarde voor belastingdoeleinden. De bepaling is evenwel niet van toepassing op overdrachten vanuit belastingparadijzen. Ook de afschrijvingen worden op basis van die waarde bepaald. De vertrekwaarde wordt gevolgd, tenzij kan worden aangetoond dat de door de vertrekstaat vastgestelde waarde hoger is dan de werkelijke waarde.4 Ook in de omgekeerde situatie, als de vermogensbestanddelen België verlaten, is sprake van een exitheffing. Die regel gold ook al voor de implementatie van de ATAD-richtlijn.