RSV 2019/113
Algemene heffingskorting premiedeel in een kalenderjaar bij gedeeltelijk op grond van werken verzekerd zijn in Nederland wordt bepaald in tijdsevenredigheid naar de periode van verzekering in Nederland
HR 12-04-2019, ECLI:NL:HR:2019:588
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
12 april 2019
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, J.A.C.A. Overgaauw, M.A. Fierstra, J. Wortel, A.F.M.Q. Beukers-van Dooren
- Zaaknummer
15/04545
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2019:588, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑04‑2019
ECLI:NL:HR:2017:849, Uitspraak, Hoge Raad, 12‑05‑2017
Beroepschrift, Hoge Raad, 25‑03‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:118, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 18‑02‑2016
- Wetingang
Essentie
Algemene heffingskorting premiedeel in een kalenderjaar bij gedeeltelijk op grond van werken verzekerd zijn in Nederland wordt bepaald in tijdsevenredigheid naar de periode van verzekering in Nederland
Samenvatting
In vervolg op het door het HvJ EU op 23 januari 2019 gewezen arrest Zyla, C-272/17, ECLI:EU:C:2019:49, [RSV 2019/114] verklaart de Hoge Raad, die de prejudiciële vragen heeft gesteld, het beroep in cassatie ongegrond. De verwezen zaak gaat over de Poolse onderdaan Zyla, die van 1 januari tot en met 21 juni 2013 in Nederland werkte. Gedurende dit tijdvak was zij verzekerd en premieplichtig voor de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.