NJB 2022/1141:Nadere oproeping terechtzitting in hoger beroep, art. 319 lid 2 jo art. 415 lid 1 Sv: in casu diende de verdachte ingevolge deze bepalingen voor de nadere terechtzitting te worden opgeroepen. In casu is er geen akte van uitreiking behorende bij de oproeping voor die terechtzitting. Wel is er een brief van het hof die inhoudt dat de akte van uitreiking van de betreffende oproeping in het ongerede is geraakt. Dat brengt mee dat het in cassatie ervoor moet worden gehouden dat deze oproeping niet op de bij de wet voorgeschreven wijze is betekend (uitgereikt). Dit verzuim moet leiden tot nietigverklaring van de betekening van de oproeping in hoger beroep. De enkele omstandigheid dat de raadsvrouw het hof voorafgaand aan de terechtzitting heeft bericht dat zij de verdachte op de hoogte heeft gebracht van haar voornemen om niet op de terechtzitting te verschijnen en dat de verdachte alsnog zelf op de zitting wenst te verschijnen, brengt niet met zich dat deze nietigheid voor gedekt kan worden gehouden. A-G: anders.