NJB 2023/689:Bedreiging met zware mishandeling, art. 285 Sr: het gaat bij het misdrijf bedreiging met zwaar lichamelijk letsel niet om het daadwerkelijk toebrengen van zodanig letsel, maar om de vraag of bij de betrokkene als gevolg van de uitlatingen en/of de gedragingen van de verdachte in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat de betrokkene zwaar lichamelijk letsel zou kunnen oplopen. Aldus kon het hof oordelen dat bij betrokkenen als gevolg van de door de verdachte geuite bewoordingen, waarbij het ging om het uit de mond slaan van ‘al je tanden’ en ‘al jullie tanden’, in redelijkheid de vrees kon ontstaan dat zij zwaar lichamelijk letsel zouden kunnen oplopen (ook al hoeft bij het daadwerkelijk toebrengen van gebitsschade niet zonder meer sprake te zijn van ‘zwaar lichamelijk letsel’).