Nemo tenetur in belastingzaken
Einde inhoudsopgave
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.3.3.3:14.3.3.3 Bijzondere strafbepalingen AWR; opzetdelicten
Nemo tenetur in belastingzaken (FM nr. 150) 2017/14.3.3.3
14.3.3.3 Bijzondere strafbepalingen AWR; opzetdelicten
Documentgegevens:
Mr. L.C.A. Wijsman, datum 27-11-2016
- Datum
27-11-2016
- Auteur
Mr. L.C.A. Wijsman
- JCDI
JCDI:ADS495822:1
- Vakgebied(en)
Belastingrecht algemeen / Algemeen
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Van opzet is sprake in geval van bewustheid bij het handelen: degene die handelt, heeft het gevolg van zijn handelen gewild of bewust de aanmerkelijke kans aanvaard dat zijn op de koop toegenomen handelen dat gevolg zou hebben. Van grove schuld is sprake bij een handelen dat in laakbaarheid grenst aan opzet. De betrokkene heeft dan het gevolg van zijn handelen niet (bewijsbaar) gewild. Zie Cornelisse e.a. 2006, p. 46.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
In art. 69, lid 1 AWR is onder meer vastgelegd dat degene die opzettelijk een der feiten begaat, omschreven in art. 68, lid 1, onderdeel a, b, d, e en f, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of een geldboete van de vierde categorie (max. € 20.250) of, indien dit bedrag hoger is, ten hoogste eenmaal het bedrag van de te weinig geheven belasting.1
Op grond van art. 69, lid 2 AWR wordt degene die opzettelijk een bij de belastingwet voorziene aangifte onjuist of onvolledig doet, dan wel het feit begaat, omschreven in artikel 68, lid 1, onderdeel c, gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste zes jaren of een geldboete van de vijfde categorie (max. € 81.000) of, indien dit bedrag hoger is, ten hoogste eenmaal het bedrag van de te weinig geheven belasting.2
Voorwaarde voor strafbaarstelling op de voet van art. 69 is dat het feit ertoe strekt dat te weinig belasting wordt geheven. Er is sprake van misdrijven.