Artikel 18ga van de Wet LB 1964 bepaalt over welk bedrag ten hoogste pensioen mag worden opgebouwd.
Wat vindt u in De Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 18ga
Artikel 18ga van de Wet LB 1964 is op 1 januari 2015 ingevoerd.
Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op het ontstaan van de bepaling (aant. 1.2), doel en strekking van de bepaling (aant. 1.4), de context van de bepaling (aant. 1.6), de internationale aspecten (aant. 1.8), de beginselen van bestuurlijk bestuur (aant. 1.11), de begripsomschrijvingen (aant. 1.17) en parlementaire varia (aant. 1.20).
2. Aftopping van het pensioengevend loon
Op grond van artikel 18ga, eerste lid, van de Wet LB 1964 wordt het pensioengevend loon voor de opbouw van ouderdomspensioen, partnerpensioen bij overlijden op of na pensioendatum, partnerpensioen bij overlijden voor pensioendatum en wezenpensioen fiscaal gemaximeerd. Bij deeltijddienstbetrekkingen wordt de aftoppingsgrens verminderd overeenkomstig de deeltijdfactor (aant. 2).
3. Indexatie van de aftoppingsgrens
De aftoppingsgrens wordt op grond van artikel 18ga, tweede lid, van de Wet LB 1964 jaarlijks bij het begin van het kalenderjaar geïndexeerd aan de hand van de contractloonontwikkelingsfactor (aant. 3).
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 18ga Wet LB 1964, aant. 1.1
Aant. 1.1 Inleiding
Actueel t/m 15-04-2026
15-04-2026, het commentaar is bijgewerkt t/m BNB 2026/57 en V-N 2026/17.30.
01-01-2015 tot: -
Vakstudie Loonbelasting en Premieheffingen, art. 18ga Wet LB 1964, aant. 1.1
Verzekeringsrecht / Pensioenrecht
Loonbelasting / Pensioenregeling
pensioenregeling
pensioengevend loon
Wet op de loonbelasting 1964 artikel 18ga
Beschouwing
Artikel 18ga van de Wet LB 1964 bepaalt over welk bedrag ten hoogste pensioen mag worden opgebouwd.
Wat vindt u in De Vakstudie?
1. De geschiedenis en de achtergrond van artikel 18ga
Artikel 18ga van de Wet LB 1964 is op 1 januari 2015 ingevoerd.
Hierna wordt achtereenvolgens ingegaan op het ontstaan van de bepaling (aant. 1.2), doel en strekking van de bepaling (aant. 1.4), de context van de bepaling (aant. 1.6), de internationale aspecten (aant. 1.8), de beginselen van bestuurlijk bestuur (aant. 1.11), de begripsomschrijvingen (aant. 1.17) en parlementaire varia (aant. 1.20).
2. Aftopping van het pensioengevend loon
Op grond van artikel 18ga, eerste lid, van de Wet LB 1964 wordt het pensioengevend loon voor de opbouw van ouderdomspensioen, partnerpensioen bij overlijden op of na pensioendatum, partnerpensioen bij overlijden voor pensioendatum en wezenpensioen fiscaal gemaximeerd. Bij deeltijddienstbetrekkingen wordt de aftoppingsgrens verminderd overeenkomstig de deeltijdfactor (aant. 2).
3. Indexatie van de aftoppingsgrens
De aftoppingsgrens wordt op grond van artikel 18ga, tweede lid, van de Wet LB 1964 jaarlijks bij het begin van het kalenderjaar geïndexeerd aan de hand van de contractloonontwikkelingsfactor (aant. 3).