AB 2018/419
Het Unierecht vereist niet dat het hoger beroep in asielzaken schorsende werking heeft.
HvJ EU 26-09-2018, ECLI:EU:C:2018:775, m.nt. L. Hillary en A.M. Reneman (Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie (Effet suspensif de l’appel))
- Instantie
Hof van Justitie van de Europese Unie
- Datum
26 september 2018
- Magistraten
T. von Danwitz, C. Vajda, E. Juhász, K. Jürimäe, C. Lycourgos
- Zaaknummer
C-180/17
- Noot
L. Hillary en A.M. Reneman
- Roepnaam
Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie (Effet suspensif de l’appel)
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- JCDI
JCDI:ADS929894:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Vreemdelingenrecht / Vreemdelingenprocesrecht
EU-recht / Rechtsbescherming
Bestuursprocesrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:EU:C:2018:775, Uitspraak, Hof van Justitie van de Europese Unie, 26‑09‑2018
- Wetingang
Essentie
Het Unierecht verzet zich er niet tegen dat het hoger beroep tegen de bevestiging van de afwijzing van een asielverzoek in eerste aanleg, niet van rechtswege schorsende werking heeft.
Samenvatting
Gelet op een en ander moet op de eerste en de tweede vraag worden geantwoord dat art. 46 Richtlijn 2013/32/EU en art. 13 Richtlijn 2008/115/EU, gelezen in het licht van art. 18, art. 19 lid 2 en art. 47 Handvest, aldus moeten worden uitgelegd dat zij zich niet verzetten tegen een nationale regeling die weliswaar voorziet in de mogelijkheid van hoger beroep tegen een uitspraak in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.