NJB 2016/2005
Verdeling. Motivering. HR: Het hof is niet (kenbaar) ingegaan op een bij memorie na deskundigenbericht geponeerde stelling. Na cassatie en verwijzing dient deze stelling alsnog te worden beoordeeld
HR 28-10-2016, ECLI:NL:HR:2016:2450
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
28 oktober 2016
- Magistraten
Mrs. A.M.J. van Buchem-Spapens, C.A. Streefkerk, G. Snijders
- Zaaknummer
15/03522
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Juridische beroepen / Rechter
Goederenrecht / Gemeenschap
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Personen- en familierecht / Relatievermogensrecht
Erfrecht / Algemeen
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2016:2450, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 28‑10‑2016
ECLI:NL:PHR:2016:454, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 27‑05‑2016
- Wetingang
(art. 3:179 BW; art. 79 lid 1 RO)
Essentie
Verdeling. Motivering. HR: Het hof is niet (kenbaar) ingegaan op een bij memorie na deskundigenbericht geponeerde stelling. Na cassatie en verwijzing dient deze stelling alsnog te worden beoordeeld
Partij(en)
A, adv. mr. K. Aantjes, vs. B, niet verschenen.
Uitspraak
Feiten en procesverloop
A en B zijn broers. Vanaf 1997 zijn zij elk voor de onverdeelde helft gerechtigd tot vier onroerende zaken die van hun vader zijn geweest.
In dit geding hebben beide partijen de verdeling van de gemeenschap gevorderd. Elk van beiden wil de onroerende zaken aan zichzelf toebedeeld krijgen, tegen betaling van een bedrag aan de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.