AB 1981, 405
RvS, 07-04-1981, nr. A-32325(1979)
RvS 07-04-1981, ECLI:NL:RVS:1981:AM5905, m.nt. R. Crince le Roy
- Instantie
Raad van State
- Datum
7 april 1981
- Magistraten
Van Den Bergh, Blaauw, Van Reyen
- Zaaknummer
A-32325(1979)
- Noot
R. Crince le Roy
- LJN
AM5905
- JCDI
JCDI:ADS862644:1
- Vakgebied(en)
Ruimtelijk bestuursrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:1981:AM5905, Uitspraak, Raad van State, 07‑04‑1981
- Wetingang
Wet Arob art. 8 lid 1 onder a; Bouwverord. art. 15 (Model); Bouwverord. art. 16 (Model)
Essentie
Onvolledige bouwaanvraag.
Samenvatting
De vraag of er termen bestonden om appellante in haar aanvraag niet-ontvankelijk te verklaren wegens ongenoegzaamheid van de daarbij overgelegde bescheiden moest door B. en W. worden beoordeeld naar de stand der gegevens zoals die was op het moment waarop zij hun beschikking gaven. Hieruit volgt dat zij mede in beschouwing moesten nemen de tekeningen en bescheiden die appellante nog nader had ingediend.
Gesteld noch gebleken is, dat er uitgaande van de bouwaanvraag, zoals later aangevuld, grond bestond voor het niet-ontvankelijk verklaren van appellante in die aanvraag, zodat ten onrechte werd geoordeeld, dat toepassing kon ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.