AB 1992, 633
RvS, 01-05-1992, nr. R02892414
RvS 01-05-1992, ECLI:NL:RVS:1992:AN4627
- Instantie
Raad van State
- Datum
1 mei 1992
- Magistraten
Borman
- Zaaknummer
R02892414
- LJN
AN4627
- JCDI
JCDI:ADS863048:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vreemdelingenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:RVS:1992:AN4627, Uitspraak, Raad van State, 01‑05‑1992
- Wetingang
Vw art. 11 lid 2; Vw art. 11 lid 5; Vw art. 12 aanhef onder d; EVRM art. 8; EVRM 4e Protocol art. 3
Essentie
Geen voortgezet verblijf van moeder bij haar Nederlandse kind. Wel sprake van inmenging in gezinsleven moeder en kind, maar gelet op de leeftijd van het kind is deze inmenging geoorloofd. Ook inmenging in het gezinsleven vader en kind geoorloofd, omdat vader niet bijdraagt in kosten van levensonderhoud en er geen omgangsregeling is vastgesteld.
Samenvatting
Begin okt. 1988 is de samenwoning tussen appellante en haar Nederlandse echtgenoot feitelijk verbroken. Het doel waarvoor appellante hier te lande verblijf was toegestaan is hiermee vervallen. De staatssecretaris van Justitie is dan ook bevoegd de aan appellante verleende vergunning tot verblijf in te ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.