NJ 2002, 235
Vordering betaling pensioenpremies en premies sociale verzekeringen: bevoegdheid gewone rechter; ontvankelijkheid van de vordering. Kosten fraudeonderzoek.
Hof 's-Hertogenbosch 08-05-2001, ECLI:NL:GHSHE:2001:AE2212
- Instantie
Hof 's-Hertogenbosch
- Datum
8 mei 2001
- Magistraten
Rothuizen-Van Dijk, Meulenbroek, Begheijn
- Zaaknummer
C9900479/BR
- LJN
AE2212
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vermogensrecht / Rechtsvorderingen
Burgerlijk procesrecht (V)
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHSHE:2001:AE2212, Uitspraak, Hof 's-Hertogenbosch, 08‑05‑2001
- Wetingang
BW art. 3:303; BW art. 6:96; Coörd.WSV art. 15; Wet BPF art. 18
Essentie
Vordering betaling pensioenpremies en premies sociale verzekeringen: bevoegdheid gewone rechter; ontvankelijkheid van de vordering. Kosten fraudeonderzoek: geen verhaal daarvan langs privaatrechtelijke weg; geen redelijke kosten ter vaststelling van schade en aansprakelijkheid.
Samenvatting
Noch aan de bevoegdheid van de burgerlijke rechter om kennis te nemen van de vordering tot betaling van op de Wet betreffende verplichte deelneming in een bedrijfspensioenfonds (BPW) en op de Coördinatiewet sociale verzekeringen (CSV) gebaseerde premies noch aan de ontvankelijkheid van die vordering staat in de weg dat een bijzondere rechtsgang bestaat voor de aansprakelijkstelling voor en de inning van die ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.