Rb. Zeeland-West-Brabant, 27-03-2013, nr. CIV, 83478, Einduitspraak.doc
ECLI:NL:RBZWB:2013:2771
- Instantie
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Datum
27-03-2013
- Zaaknummer
CIV_83478_Einduitspraak.doc
- Vakgebied(en)
Civiel recht algemeen (V)
- Brondocumenten en formele relaties
ECLI:NL:RBZWB:2013:2771, Uitspraak, Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 27‑03‑2013
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2014:5480
Hoger beroep: ECLI:NL:GHSHE:2016:3231
Uitspraak 27‑03‑2013
Inhoudsindicatie
Geschil over het bestaan van een koopovereenkomst. Rechtbank oordeelt dat er teveel onduidelijkheid heerst over de inhoud dat niet kan worden gesproken van overeenstemming over een koop.
Partij(en)
vonnis
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Civiel recht
Zittingsplaats: Middelburg
zaaknummer / rolnummer: C/12/83478 / HA ZA 12-107
Vonnis van 27 maart 2013
in de zaak van
de besloten vennootschap HAANEX BEHEER B.V.,
gevestigd te Sint Philipsland,
eiseres,
advocaat mr. W.H. Lindhout te Bergen op Zoom,
tegen
[gedaagde],
wonende te [woonplaats],
gedaagde,
advocaat mr. J.P.M. Borsboom te Barendrecht.
Partijen zullen hierna Haanex en [gedaagde] genoemd worden.
1. De procedure
1.1.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- -
de dagvaarding
- -
de conclusie van antwoord
- -
de conclusie van repliek
- -
de conclusie van dupliek.
- -
de antwoordakte producties
2. De feiten
2.1.
Tussen partijen heeft op 30 maart 2010 overleg plaatsgevonden over de verkoop van twee stukken grond, het perceel kadastraal [kadasternummer 1] en het perceel [kadasternummer 2], thans gezamenlijk [sectienummer] voor in totaal € 126.250,00. Het perceel [kadasternummer 1] heeft een oppervlakte van 1.35 hectare en is gelegen tussen Haanex en [gedaagde] en het perceel [kadasternummer 2] heeft een oppervlakte van 4.25 hectare en grenst aan het eerste. [gedaagde] heeft de uitkomst van dit overleg op een A4-papier gezet. De met de hand geschreven tekst luidt:
30/3/2010 Overeengekomen
Aankoop Grond 1,35 h.a. [kadasternummer 1] 125.000
Aankoop Grond 116x 10 m. totaal 1160 verschil 1.250
[kadasternummer 2] ---------
kosten koper 127.500
Recht op overpad, op aansluiting
[adres]
Kettingbeding eerste jaar 100% telken male
Per jaar 10% minder afdracht
akte Notaris 1 juli 2010
Containers opruimen 1 november 2010
ontbindende voorwaarden: financiering, toestemming
aanleg pad.
[gedaagde]
[naam]
[gedaagde] heeft geweigerd de gronden met opstallen aan Haanex te leveren. Op 28 juli 2010 heeft hij aan Haanex geschreven:
“Ik wil door middel van deze brief laten weten dat wij geen toestemming hebben gekregen van de Gemeente Tholen.
Gezien de ontbindende voorwaarde, zie overeenkomst van 30 maart 2010, doe ik hierop mijn beroep en kan de levering niet plaatsvinden.
De notaris heeft een concept koopovereenkomst opgesteld, die niet door partijen is ondertekend. De voorzieningenrechter heeft bij vonnis van 17 februari 2011 bepaald dat partijen hun medewerking dienden te verlenen aan het opstellen van een akte van levering. De levering heeft vervolgens plaatsgevonden bij akte d.d. 6 juli 2011. Bij arrest van 10 januari 2012 heeft het gerechtshof het vonnis van de voorzieningenrechter van 17 februari 2011 vernietigd en Haanex veroordeeld tot teruglevering van de gronden. Haanex heeft de gronden vervolgens bij akte, verleden op 8 maart 2012 teruggeleverd.
3. Het geschil
3.1.
Haanex vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad,
- 1.
[gedaagde] veroordeelt tot levering de gronden als omschreven in de koopovereenkomst d.d. 20 maart 2010 aan Haanex, inclusief paardenbak, verhardingen, bosschages, afrasteringen, hekwerk, toegangspoorten, windsingels, waterput, buitenkast elektra en overige opstallen en exclusief containers, voor een bedrag van € 126.250,00 op verbeurte van een dwangsom van € 10.000,00 per dag dat [gedaagde] daarmee in gebreke blijft;
- 2.
bepaalt dat het kettingbeding als omschreven in de koopovereenkomst van 30 maart 2010 dient in te gaan op 1 juli 2010, althans dat het kettingbeding dient door te lopen tot 1 juli 2020;
- 3.
[gedaagde] veroordeelt tot betaling aan Haanex van € 8.903,20 terzake van de kosten van de levering van 8 maart 2012;
- 4.
voor recht verklaart dat [gedaagde] toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van de koopovereenkomst van 30 maart 2012 alsmede [gedaagde] veroordeelt de schade te vergoeden die Haanex als gevolg daarvan heeft geleden en lijdt, nader op te maken bij staat;
- 5.
[gedaagde] veroordeelt in de kosten van de procedure, te vermeerderen met de nakosten van € 131,00 zonder betekening en met € 199,00 met betekening en met de wettelijke rente over de proces- en nakosten als gedaagde die niet binnen veertien dagen na dagtekening van dit vonnis heeft betaald.
3.2.
Haanex legt het volgende aan haar vordering ten grondslag. Partijen verschillen niet alleen van mening over het antwoord op de vraag of een koopovereenkomst tot stand is gekomen, maar ook over wat in dat geval de inhoud van de overeenkomst is en over de koopprijs. Haanex is van mening dat sprake is van een gave koopovereenkomst en dat zij de percelen, kadastraal bekend [kadasternummer 1] en [kadasternummer 2], heeft gekocht voor € 126.500,00 inclusief paardenbak, verhardingen, bosschages, hekwerk, toegangspoorten, windsingels, waterput, buitenkast elektra en overige opstallen en exclusief containers. Zij heeft deze percelen gekocht om haar bedrijf beter bereikbaar te maken voor vrachtwagens en om een vrachtwagenparkeerplaats voor de gemeente Tholen te kunnen realiseren. [gedaagde] heeft de overeenkomst op papier gezet en partijen hebben dat stuk (productie 1) ondertekend. Als datum van levering is opgenomen 1 juli 2010. Vervolgens heeft [gedaagde] laten weten dat op het verkochte illegaal een stal zou zijn gebouwd en dat de gemeente een paardenstal op een nieuw stuk grond tegenhield en dat hij niet aan de levering zou meewerken zolang de vergunning voor een paardenstal op de nieuwe grond niet rond was. Hij beriep zich op de in de koopovereenkomst opgenomen ontbindende voorwaarde. De ontbindende voorwaarde ziet echter op toestemming van de gemeente om over het perceel G1080 een weg aan te leggen van het perceel van Haanex naar de openbare weg.
3.3.
[gedaagde] voert verweer.[gedaagde] is in gemeenschap van goederen gehuwd met[naam partner gedaagde]. Haanex is niet ontvankelijk omdat hij niet beide eigenaren van de gronden in de procedure heeft betrokken. Anders dan Haanex stelt hebben partijen geen overeenstemming bereikt. Er was slechts sprake van een intentieovereenkomst. De koop zou alleen betrekking hebben op de gronden en niet op de zaken die [gedaagde] daarop heeft aangebracht, zoals de paardenbak, verhardingen, bosschages en windsingels. De koopprijs voor de strook grond van 1160 m2 zou € 12.500 moeten zijn; het op het A4’tje van 30 maart 2010 genoemde bedrag van € 1.250 is een kennelijke verschrijving waar [gedaagde] niet aan mag worden gehouden; de prijs per vierkante meter zou in dat geval € 1.07 bedragen. De prijs per vierkante meter voor de strook grond van 1160 m2 bedroeg € 10,77. Partijen hebben niet over een leveringdatum gesproken. De “akte notaris” die in het A4’tje van 30 maart wordt genoemd is niet de leveringsakte, maar de koopovereenkomst. Eind juli 2010 heeft [gedaagde] een beroep gedaan op de ontbindende voorwaarde, het verkrijgen van toestemming van de gemeente om zijn paarden, die op 30 maart 2010 op het perceel [kadasternummer 1] werden gestald en beweid, op het[kadasternummer 2] te stallen en te beweiden. Hij betwist dat hij ten overstaan van [namen] heeft bevestigd dat overeenstemming bestond over de verkoop van de gronden.
4. De beoordeling
4.1.
De vraag die ter beantwoording voorligt, is of tussen partijen een overeenkomst tot stand is gekomen met betrekking tot de levering van de gronden zoals omschreven in de door [gedaagde] met de hand geschreven en door partijen ondertekende tekst al dan niet met een ontbindende voorwaarde dat indien hij geen toestemming van de gemeente zou krijgen om vijf paarden op het bij hem resterende weiland te weiden, of dat “slechts” sprake is van een intentieovereenkomst. Het gerechtshof heeft in de rechtsoverwegingen 4.11 e.v. van zijn arrest van 20 september 2011 overwogen dat de “overeenkomst” van 30 maart 2010, zoals vastgelegd op het A4’tje van 30 maart 2010, een wel zeer summier karakter had en dat die “overeenkomst”, ook in de perceptie van Haanex nog nadere uitleg behoefde en dat die nadere uitwerking noodzakelijk was omdat elk van de partijen een verschillende visie had over de inhoud van de ontbindende voorwaarden. Daarnaast bestaat onduidelijkheid over de prijs voor het stukje grond [kadasternummer 2], groot 1160 m2. Volgens Haanex bedroeg de prijs € 1.250,00 en niet € 12.500,00 zoals [gedaagde] stelt omdat de koop niet betrekking had op de gehele strook van 10 meter breed van het perceel [kadasternummer 2], maar op slechts op een aanvullend stukje van 2 meter.
4.2.
De rechtbank is van oordeel dat met betrekking tot de koopprijs van het perceel[kadasternummer 2] sprake is van een ook voor Haanex kenbare verschrijving. Zonder toelichting van de zijde van Haanex, die ontbreekt, valt immers niet in te zien waarom de prijs per vierkante meter voor de strook grond [kadasternummer 1] € 10,77 per vierkante bedroeg en de prijs voor het perceel [kadasternummer 2] slechts € 1,07 per vierkante meter. Het feit dat de koop niet betrekking had op de gehele strook van 10 meter breed, zoals Haanex stelt, maar op een aanvullend stuk van 2 meter, maakt het verschil niet verklaarbaar. Het feit dat Haanex zich daar niet aan wenst te conformeren betekent dat over de prijs geen overeenstemming bestaat. De voorzieningenrechter van deze rechtbank heeft bij vonnis van 28 april 2011 overwogen dat het feit dat de overeenkomst alleen vermeldt “aankoop grond” voorshands duidt op niet meer dan de kale grond, derhalve niet tevens de daarop aanwezige zaken als paardenbak, verhardingen, bosschages en overige opstallen. De rechtbank sluit zich bij dat oordeel aan. Dat betekent dat partijen het ook niet eens waren over de inhoud van de koopovereenkomst. Aldus komt de rechtbank tot het oordeel is dat over de essentialia van de aan de vorderingen ten grondslag gelegde koopovereenkomst zoveel verschillende inzichten bestaan dat niet kan worden gesproken van overeenstemming over een koop. Dat leidt ertoe dat de rechtbank de vorderingen zal afwijzen.
4.3.
Haanex dient als de in het ongelijk te stellen partij te worden veroordeeld in de kosten van de procedure aan de zijde van [gedaagde] begroot op:
- -
vastrecht € 267,00
- -
salaris advocaat € 2.842,00 ( 2 x tarief €1.421,00)
-------------
- totaal € 3.109,00
5. De beslissing
De rechtbank
- wijst de vordering af;
- veroordeelt Haanex in de kosten van het geding welke aan de zijde van [gedaagde] tot aan dit moment worden begroot op € 3.109,00, vermeerderd met de nakosten van € 131,00 indien geen betekening plaatsvindt en € 191,00 indien niet binnen veertien dagen vrijwillig is voldaan aan het vonnis en betekening van het vonnis plaatsvindt voorts met de wettelijke rente vanaf de vijftiende dag na de datum van dit vonnis tot de dag van algehele voldoening;
- verklaart dit vonnis met betrekking tot de proceskosten uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. de Regt en in het openbaar uitgesproken op 27 maart 2013.