Einde inhoudsopgave
RvdW 2022/395
Art. 81 lid 1 RO. Familie- en jeugdrecht. Verzoek om gezamenlijk gezag. Klem-criterium (art. 1:253c lid 2 BW).
HR 08-04-2022, ECLI:NL:HR:2022:519
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
8 april 2022
- Magistraten
Mrs. C.E. du Perron, S.J. Schaafsma, G.C. Makkink
- Zaaknummer
21/03419
- Conclusie
A-G mr. M.L.C.C. Lückers
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Personen- en familierecht / Gezag en omgang
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2022:519, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 08‑04‑2022
ECLI:NL:PHR:2022:153, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 11‑02‑2022
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
CIVIELE KAMER
Nummer 21/03419
Datum 8 april 2022
BESCHIKKING
In de zaak van
[de vader],wonende te [woonplaats],
VERZOEKER tot cassatie,
hierna: de vader,
advocaat: C.G.A. van Stratum,
tegen
[de moeder],wonende op een geheim adres,
VERWEERSTER in cassatie,
hierna: de moeder,
advocaat: H.J.W. Alt.
Conclusie
Conclusie A-G mr. M.L.C.C. Lückers:
1. Inleiding en samenvatting
1.1
In deze zaak heeft het hof het verzoek van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.