Einde inhoudsopgave
Rechtsgevolgen van stille cessie (O&R nr. 65) 2011/6.4.1
6.4.1 Gevolgschade
J.W.A. Biemans, datum 01-07-2011
- Datum
01-07-2011
- Auteur
J.W.A. Biemans
- JCDI
JCDI:ADS583649:1
- Vakgebied(en)
Goederenrecht / Verkrijging en verlies
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Overgang en tenietgaan verbintenissen
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijvoorbeeld Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2008, nr. 383 (d) en 352.
Zie HR 20 februari 1976, NJ 1976, 486 (Vander Laan/Top), m.nt. GJS.
Dit blijft verder buiten beschouwing.
Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2008, nr. 383 (d).
Zie Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-I* 2008, nr. 383 (d), met verdere literatuurverwijzingen.
Vgl. T.M., Parl. Gesch. Boek 6, p. 258, M.v.A. II, Parl. Gesch. Boek 6, p. 262 en p. 306; HR 4 februari 2000, NJ 2000, 258.
Vgl. Asser/Hartkamp & Sieburgh 6-IV* 2011, nr. 10.
350. Gevolgschade is de schade die de schuldenaar door een tekortkoming van de schuldenaar lijdt, die hij niet zou hebben geleden indien aanstonds deugdelijk was gepresteerd. Bij een hoofdvordering tot overdracht van een goed is de gevolgschade de schade die wordt toegebracht door gebreken in het afgeleverde goed aan het overige vermogen van de schuldeiser of aan diens lichaam of gezondheid.1 Bijvoorbeeld, de geleverde kippen met pseudovogelpest brengen de ziekte over op de reeds aan de koper in eigendom toebehorende kippen;2 of een schilder stoot per ongeluk met zijn ladder door een ruit van het te schilderen huis.3 De schuldeiser behoudt zijn hoofdvordering tot aflevering van gezonde kippen dan wei tot het schilderen van zijn huis, en verkrijgt daarnaast een vordering tot vergoeding van de gevolgschade. De schadevergoeding is aanvullende schadevergoeding: de gevolgschade wordt niet door de vervangende prestatie weggenomen. Gevolgschade dient te worden onderscheiden van vertragingsschade: de gevolgschade treedt onafhankelijk in van de vertraging in de nakoming van de hoofdvordering.4
De grondslag voor de vordering tot vergoeding van gevolgschade is wanprestatie.5 De schuldenaar schiet tekort in zijn nevenverplichting om te voorkomen dat hij schade aan het vermogen van de schuldeiser toebrengt. Omdat bij het toebrengen van gevolgschade nakoming van deze nevenverbintenis onmogelijk is, schiet de schuldenaar meteen tekort en ontstaat het recht op schadevergoeding van rechtswege op het ogenblik waarop de schade wordt aangericht (art. 6:74 BW).6
De nevenverplichting om geen schade aan het vermogen van de schuldeiser toe te brengen wordt gegrond op art. 6:248 lid 1 BW.7 De schadevergoedingsvordering zou ook op grond van onrechtmatige daad kunnen worden gebaseerd (art. 6:162 BW).8 Een scherpe grens tussen beide ontstaansgronden, een afzonderlijke wanprestatie of een afzonderlijke onrechtmatige daad door de schuldenaar, is in dit geval niet goed te maken. De schuldeiser die gevolgschade lijdt, heeft de keuze om zijn schadevergoeding te vorderen op grond van wanprestatie dan wel op grond van onrechtmatige daad.9 In deze paragraaf komt de schadevergoedingsvordering op grond van wanprestatie aan bod.