Einde inhoudsopgave
Een rechtsvergelijking tussen de Nederlandse en Duitse winstbelasting van lichamen (FM nr. 153) 2018/
6.2.1.2 huidige kenmerken
dr. F.J. Elsweier, datum 01-04-2018
- Datum
01-04-2018
- Auteur
dr. F.J. Elsweier
- JCDI
JCDI:ADS394727:1
- Vakgebied(en)
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Deze mogelijkheden zal ik in mijn onderzoek niet verder uitwerken. Ik verwijs bijvoorbeeld naar D.R. Post, Methoden ter voorkoming van verliesverdamping, TFO 2011/145. In paragraaf 13.2.1. van het boek Hoofdzaken Vennootschapsbelasting, FED fiscale Studieseries nr. 31, Kluwer 11e druk 2015 van J.A.G. van der Geld, staat weergegeven of een stelsel mag worden gewijzigd om verliesverdamping te voorkomen. Zie ook het besluit van 16 februari 2012, nr. BLKB 2012/8M, BNB 2012/98, waarin onder meer onderdelen zijn opgenomen over de mogelijkheden voor (op)waarderen van voorraden en bedrijfsmiddelen en over stelselwijziging bij dreigende verliesverdamping.
De huidige Nederlandse verliesverrekeningstermijnen (art. 20 lid 1 Wet VPB 1969) kennen we vanaf 1 januari 2007 en zijn als grondslagverbredende maatregel ingevoerd bij de Wet Werken aan winst. De regels behelzen een achterwaartse verliesverrekeningstermijn van één jaar en een voorwaartse verliesverrekeningstermijn van negen jaar. In het kader van de financiële en economische crisis gold in de periode 2009-2011 een mogelijkheid om verliezen 3 jaar achterwaarts te verrekenen met een maximum van EUR 10 miljoen per jaar. In ruil daarvoor gold een voorwaartse verliesverrekeningstermijn van 6 jaar. Op 10 oktober 2017 heeft de nieuwe regering het regeerakkoord voor de komende vier jaren bekend gemaakt, met daarin de nodige fiscale plannen. In het regeerakkoord is opgenomen dat de huidige verliesverrekeningsmogelijkheid wordt versoberd, inhoudende dat de carry-forward mogelijkheid van negen jaar naar zes jaar gaat.
In de praktijk zijn vanwege de voorwaartse beperking van verliesverrekening de mogelijkheden om verliesverdamping te voorkomen (ook wel verliesverjongingsstrategieën genoemd) van belang.1 Indien er in meerdere jaren verliezen zijn geleden, worden de verliezen verrekend in de volgorde waarin ze zijn geleden. De oudste verliezen worden dus verplicht het eerst verrekend (art. 20 lid 7 Wet VPB 1969). Nederland kent geen verliesverrekeningstemporisering en geen absoluut maximaal te verrekenen bedrag.