Procesrecht in arbeidszaken
Einde inhoudsopgave
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.1.1.2:3.1.1.2 Absolute bevoegdheid in kort geding bij arbeidszaken
Procesrecht in arbeidszaken (MSR nr. 88) 2024/3.1.1.2
3.1.1.2 Absolute bevoegdheid in kort geding bij arbeidszaken
Documentgegevens:
Wim Wetzels, datum 30-04-2024
- Datum
30-04-2024
- Auteur
Wim Wetzels
- JCDI
JCDI:ADS982071:1
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ten aanzien van de absolute competentie van de kortgedingrechter gelden enkele bijzonderheden; zie hieromtrent art. 254-260 Rv. Kort gezegd geldt dat binnen de rechtbankorganisatie de voorzieningenrechter ook bevoegd is in geschillen die in een bodemprocedure tot het takenpakket van de kantonrechter behoren. Volgens art. 254 lid 4 Rv is ook de kantonrechter in die zaken bevoegd tot het geven van een voorlopige voorziening. De eisende partij heeft in arbeidszaken dus de keuze om een voorlopige voorziening te vragen bij de voorzieningenrechter of bij de kantonrechter. Daarbij kan niet alleen rekening gehouden worden met de tussen beide procedures geldende verschillen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.