Einde inhoudsopgave
Aanvullen van subjectieve rechten (O&R nr. 109) 2019/17.1.5.5
17.1.5.5 Conclusie
mr. drs. T.E. Booms, datum 01-01-2019
- Datum
01-01-2019
- Auteur
mr. drs. T.E. Booms
- JCDI
JCDI:ADS302868:1
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht / Algemeen
Voetnoten
Voetnoten
Zie voor de verschillende standpunten die hierover kunnen worden ingenomen het overzicht bij Verdaas 2008, p. 297 e.v.; Steneker 2012, para. 54, p. 137 Tegenwoordig lijkt men ervan uit te gaan dat het recht om onder de bankgarantie betaling te verlangen van de garant een nevenrecht is; zie bijvoorbeeld Rongen 2012, p. 1307; Asser/Bartels, van Mierlo & Ploeger 2013, para. 351. Zie voor redenen waarom dat mijns inziens onjuist is ten aanzien van de afhankelijke rechten randnummer 582, voor de kwalitatieve rechten randnummer 697 en voor de nevenrechten randnummer 740.
Zie over deze constructies Kampschreur 2015, p. 309.
Zie bijvoorbeeld Verdaas 2008, p. 299, die aanneemt dat de vordering die wordt verkregen door het inroepen van een bankgarantie niet kan toekomen aan een cessionaris van de vordering waarvoor de bankgarantie is afgegeven, omdat de abstracte bankgarantie een zelfstandige vordering in het leven roept.
779. Naar mijn mening biedt het op bovenbeschreven wijze vormgeven van garanties (en andere figuren waarbij iemand zich bereid stelt om een prestatie te verrichten voor een kwalitatief omschreven partij) een flexibele mogelijkheid voor partijen om een vorderingsrecht in het leven te roepen dat automatisch toekomt aan de partij die zij wensen. Een bijkomend voor deel is dat de vraag of een dergelijke garantie een afhankelijk recht, kwa litatief recht of nevenrecht in het leven roept, kan worden vermeden.1
Ook is het niet nodig dat er wordt gewerkt met constructies waarbij de eerste rechthebbende van de vordering de bankgarantie inroept ten gunste van de huidige rechthebbende van de vordering, dan wel deze machtigt om de bankgarantie in te roepen.2 Ten slotte kan ook de vraag naar het over gaan van de vordering die ontstaat door het inroepen van de bankgaran tie, eventueel worden losgekoppeld van het abstracte karakter ervan.3