Einde inhoudsopgave
JAR 2009, 133
Partijen hebben sinds 1 maart 2007 een ‘voorovereenkomst voor bepaalde tijd voor afroepsituatie’. Per 1 maart 2009 hebben partijen de voorovereenkomst met een jaar verlengd. Partijen hebben telkens arbeidsovereenkomsten voor een maand gesloten. Werkgever zegt de overeenkomst bij brief van 25 juni 2008 op tegen 31 augustus 2008. In december vraagt werkgever een ontslagvergunning en hij zegt voorzover vereist op met ingang van 1 maart 2009.
Ktr. Amsterdam 20-04-2009, ECLI:NL:RBAMS:2009:BI6989
- Instantie
Rechtbank Amsterdam (Kantonrechter, voorzieningenrechter)
- Datum
20 april 2009
- Magistraten
mr. Westhoff
- Zaaknummer
KK 09-264
- LJN
BI6989
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Sociale zekerheid algemeen / Bijzondere onderwerpen
Arbeidsrecht / Bijzondere onderwerpen arbeidsrecht
Arbeidsrecht / Einde arbeidsovereenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBAMS:2009:BI6989, Uitspraak, Rechtbank Amsterdam (Kantonrechter, voorzieningenrechter), 20‑04‑2009
- Wetingang
BBA art. 9 lid 3, BW art. 8:628
Essentie
Partijen hebben sinds 1 maart 2007 een ‘voorovereenkomst voor bepaalde tijd voor afroepsituatie’. Per 1 maart 2009 hebben partijen de voorovereenkomst met een jaar verlengd. Partijen hebben telkens arbeidsovereenkomsten voor een maand gesloten. Werkgever zegt de overeenkomst bij brief van 25 juni 2008 op tegen 31 augustus 2008. In december vraagt werkgever een ontslagvergunning en hij zegt voorzover vereist op met ingang van 1 maart 2009.
Kantonrechter: Of het ontslag per 31 augustus 2008 nietig was moet in het midden worden gelaten nu tussen partijen niet in geschil is dat het ontslag per 31 maart 2009 in elk ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.