NJF 2004, 382
Onrechtmatige overheidsdaad. Vervolg op NJF 2003, 30, waarin onderzoek naar de echtheid van een brief van een officier van justitie werd bevolen. De vordering, strekkend tot een verbod een straf ten uitvoer te leggen op grond van de in deze brief gedane toezeggingen, wordt thans toegewezen.
Rb. 's-Gravenhage (vzr.) 29-04-2004, ECLI:NL:RBSGR:2004:AO8663
- Instantie
Rechtbank 's-Gravenhage (Voorzieningenrechter)
- Datum
29 april 2004
- Magistraten
mr. R.J. Paris
- Zaaknummer
KG03/1028
- LJN
AO8663
- Vakgebied(en)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:RBSGR:2004:AO8663, Uitspraak, Rechtbank 's-Gravenhage, 29‑04‑2004
- Wetingang
Bw art. 6:162
Essentie
Onrechtmatige overheidsdaad. Vervolg op NJF 2003, 30, waarin onderzoek naar de echtheid van een brief van een officier van justitie werd bevolen. De vordering, strekkend tot een verbod een straf ten uitvoer te leggen op grond van de in deze brief gedane toezeggingen, wordt thans toegewezen.
Partij(en)
Eiser, proc. mr. G.M. Boonman, adv. mr. G. Spong,
tegen
De Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie), gedaagde, proc. mr. W. Heemskerk.
Uitspraak
(Post alia:)
3.2
Uitgangspunt in deze zaak is dat de Staat ingevolge de wet de plicht heeft een opgelegde straf te executeren. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.