NJ 2004, 90
Een arbitraal vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, heeft tussen partijen in een procedure voor de burgerlijke rechter gezag van gewijsde indien het gaat om de beoordeling van dezelfde rechtsbetrekking in geschil. Van dat laatste is sprake wanneer — onder de noemer van onrechtmatige daad — exact hetzelfde feitencomplex aan de burgerlijke rechter wordt voorgelegd dat tevoren door het scheidsgerecht was beoordeeld onder de noemer wanprestatie. De stelling dat een arbiter nimmer bevoegd zou zijn (mede) te oordelen op de grondslag onrechtmatige daad, vindt geen steun in het recht.
Hof Leeuwarden 18-06-2003, ECLI:NL:GHLEE:2003:AO3499
- Instantie
Hof Leeuwarden
- Datum
18 juni 2003
- Magistraten
Mollema, Meijeringh, Buijs
- Zaaknummer
0200515
- LJN
AO3499
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Arbitrage
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Eerste aanleg
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHLEE:2003:AO3499, Uitspraak, Hof Leeuwarden, 18‑06‑2003
- Wetingang
BW art. 6:74; BW art. 6:162; Rv art. 236; Rv art. 1020
Essentie
Een arbitraal vonnis dat in kracht van gewijsde is gegaan, heeft tussen partijen in een procedure voor de burgerlijke rechter gezag van gewijsde indien het gaat om de beoordeling van dezelfde rechtsbetrekking in geschil. Van dat laatste is sprake wanneer — onder de noemer van onrechtmatige daad — exact hetzelfde feitencomplex aan de burgerlijke rechter wordt voorgelegd dat tevoren door het scheidsgerecht was beoordeeld onder de noemer wanprestatie. De stelling dat een arbiter nimmer bevoegd zou zijn (mede) te oordelen op de grondslag onrechtmatige daad, vindt geen steun in het recht.
Partij(en)
De maatschap P.M. en M.P. Hoogland, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.