NJ 1979, 573
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer), 15-03-1979
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer) 15-03-1979, ECLI:NL:GHAMS:1979:AC4048
- Instantie
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer)
- Datum
15 maart 1979
- Magistraten
Van Slooten, IJsselmuiden, Joosten, Barth, Sanders
- Zaaknummer
[1979-03-15/NJ_57930]
- LJN
AC4048
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Ondernemingsrecht / Bijzondere onderwerpen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Burgerlijk procesrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:1979:AC4048, Uitspraak, Hof Amsterdam (Ondernemingskamer), 15‑03‑1979
- Wetingang
BW art. 2:104; BW art. 2:337; BW art. 2:339 lid 1; K art. 8
Essentie
1. Vordering tijdig ingesteld?
2. Eisers belanghebbenden?
3. Toepassing van art. 8K. in de jaarrekeningprocedure.
Samenvatting
1. Gedaagde heeft haar jaarverslag, waarin opgenomen de door het bestuur opgestelde jaarrekening, ten kantore van het Handelsregister neergelegd voordat de jaarrekening door de a.v.v.a. was vastgesteld. In de a.v.v.a., gehouden op 12 april 1978, werd de jaarrekening ongewijzigd vastgesteld. Eisers stelden hun vordering in op 18 aug. 1978. De stelling dat de vordering niet is ingediend binnen de in art. 339, lid 1, Boek 2, BW vastgestelde termijn van twee maanden na de nederlegging verwerpt de Ondernemingskamer. Het neerleggen van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.