NJ 1981, 49
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer), 10-04-1980, nr. 244/79OK
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer) 10-04-1980, ECLI:NL:GHAMS:1980:AC1386, m.nt. J.M.M. Maeijer
- Instantie
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer)
- Datum
10 april 1980
- Magistraten
Van Slooten, Joosten, Wiegel, Barth, Schoonderbeek
- Zaaknummer
244/79OK
- Noot
J.M.M. Maeijer
- LJN
AC1386
- JCDI
JCDI:ADS112776:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Ondernemingsrecht / Bijzondere onderwerpen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Verzekeringsrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Financieel recht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:1980:AC1386, Uitspraak, Hof Amsterdam (Ondernemingskamer), 10‑04‑1980
- Wetingang
BW art. 2:211; BW art. 2:213; BW art. 2:314; BW art. 2:337
Essentie
Vernietiging van de in geschil zijnde jaarrekening die ten onrechte niet door een (register-)accountant is onderzocht.
Samenvatting
1. Blijkens haar doelstelling oefent gedaagde mede het verzekeringsbedrijf uit. De omstandigheid dat de door haar gesloten verzekeringen verzekeringen in natura zijn — hetgeen met zich brengt dat de Verzekeringskamer geen toezicht op haar uitoefent — betekent niet dat zij niet het verzekeringsbedrijf in de zin van art. 213 Boek 2 BW uitoefent. Zij had mitsdien ingevolge art. 211 lid 5 een (register-)accountant moeten benoemen. Dit heeft zij ten onrechte nagelaten.
2. Het ten onrechte niet benoemen van een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.