NJ 1999, 371
WOR; ontvankelijkheid; dochtervennootschap; adviesrecht; beroepsrecht; beperking medezeggenschapsrechten
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer) 18-06-1998, ECLI:NL:GHAMS:1998:AD2894
- Instantie
Hof Amsterdam (Ondernemingskamer)
- Datum
18 juni 1998
- Magistraten
Willems, ten Kley, Ingelse, Marseille, Hoek
- Zaaknummer
227/98OK
- LJN
AD2894
- Vakgebied(en)
Arbeidsrecht / Medezeggenschapsrecht
Onbekend (V)
Ondernemingsrecht / Bijzondere onderwerpen
Bijzonder strafrecht / Economisch strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:GHAMS:1998:AD2894, Uitspraak, Hof Amsterdam (Ondernemingskamer), 18‑06‑1998
- Wetingang
Essentie
WOR; ontvankelijkheid; dochtervennootschap; adviesrecht; beroepsrecht; beperking medezeggenschapsrechten.
Samenvatting
Nu de ondernemer ermee heeft ingestemd dat zijn ondernemingsraad bij de advisering over een besluit ook de werknemers van de dochtermaatschappij — waarvoor geen eigen ondernemingsraad was ingesteld — heeft vertegenwoordigd geldt dat de belangen van die werknemers in het advies, en daarmee ook in het beroep jegens die ondernemer, kunnen worden betrokken, maar niet dat jegens die dochter een zelfstandig advies- en beroepsrecht is verkregen zodat het beroep voor zover dit zich richt tegen de dochter niet-ontvankelijk is.
Om een onbevangen deelname van de ondernemingsraad aan het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.