Einde inhoudsopgave
RvdW 1984, 30
HR, 20-01-1984, nr. 12095: Caransa/Beelaerts van Blokland
HR 20-01-1984, ECLI:NL:PHR:1984:AG4738 (Caransa/Beelaerts van Blokland)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
20 januari 1984
- Magistraten
Drion, Royer, Van Den Blink, Bloembergen, Boekman
- Zaaknummer
12095
- LJN
AG4738
- Roepnaam
Caransa/Beelaerts van Blokland
- Vakgebied(en)
Goederenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1984:AG4738, Uitspraak, Hoge Raad, 20‑01‑1984
ECLI:NL:PHR:1984:AG4738, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 20‑01‑1984
- Wetingang
BW art. 692; BW art. 693; BW art. 694; BW art. 695
Essentie
Burenrecht. Deur aangebracht in niet-gemene muur.
Samenvatting
De stelling dat de art. 692–695 BW niet het aanbrengen van — ondoorzichtige — deuren, doch uitsluitend het aanbrengen van vensters en/of lichten ter verschaffing van licht en uitzicht op het oog hebben, kan in haar algemeenheid niet worden aanvaard. De omstreden deur is aangebracht in een muur van een gebouw, die in feite de erfafscheiding vormt. Dat is in ieder geval in strijd met art. 693.*
* Zie ook BR 1984, p. 438.
Partij(en)
1. M. Caransa BV en
2. De Societeitsvereniging ‘Rembrandt’, beide te Amsterdam, eiseressen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.