NJ 1985, 734
HR, 07-06-1985, nr. 12518
HR 07-06-1985, ECLI:NL:PHR:1985:AB9857
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 juni 1985
- Magistraten
Snijders, Royer, Van Den Blink, Hermans, Boekman, Berger
- Zaaknummer
12518
- LJN
AB9857
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1985:AB9857, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑06‑1985
ECLI:NL:PHR:1985:AB9857, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 07‑06‑1985
- Wetingang
Rv (oud) art. 59 lid 1 onder 3°; Rv (oud) art. 289; Rv (oud) art. 290; Rv (oud) art. 291; Rv (oud) art. 292; Rv (oud) art. 293; Rv (oud) art. 294; Rv (oud) art. 295; Rv (oud) art. 296; Rv (oud) art. 297; Rv (oud) art. 325; Rv (oud) art. 327
Essentie
Kort geding. Verzoek van procespartij te bevorderen dat het OM bepaalde bescheiden ten processe zal overleggen. Geen gehoudenheid van rechter op dat verzoek in te gaan. Motiveringsplicht?
Partij(en)
Gerrit de Weerd, te Hardenberg, eiser tot cassatie, adv. Mr. P. Garretsen,
tegen
Aluminium Hardenberg BV, te Hardenberg, verweerster in cassatie, adv. Mr. J.C. van Oven.
Voorgaande uitspraak
1
Het geding in feitelijke instanties
Eiser tot cassatie — verder te noemen De Weerd — heeft bij exploot van 3 dec. 1982 verweerster in cassatie — verder te noemen Hardenberg — in k.g. gedagvaard voor de Pres. van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.