NJ 1986, 671
HR, 30-05-1986, nr. 12966
HR 30-05-1986, ECLI:NL:PHR:1986:AC9401
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 mei 1986
- Magistraten
Ras, Martens, Van Den Blink, Hermans, Bloembergen, Mok
- Zaaknummer
12966
- LJN
AC9401
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Vreemdelingenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1986:AC9401, Uitspraak, Hoge Raad, 30‑05‑1986
ECLI:NL:PHR:1986:AC9401, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 30‑05‑1986
- Wetingang
Vw art. 22; BW art. 1401; Rv (oud) art. 59 lid 1 onder 3°
Essentie
Vreemdelingenrecht. Uitzetting van vreemdeling zonder verblijfsvergunning na veroordeling wegens misdrijf. Onrechtmatige daad van de Staat? Belangenafweging door de Staat in verband met kans op recidive; toetsing daarvan door de rechter. Motivering.
Partij(en)
X., wonende, althans gewoond hebbende te 's‑Gravenhage, eiser tot cassatie, adv. Mr. drs. G.S. Koopman-Rond,
tegen
De Staat der Nederlanden (Ministerie van Justitie), verweerder in cassatie, adv. Mr. J.L. de Wijkerslooth.
Voorgaande uitspraak
Hoge Raad:
1
Het geding in feitelijke instanties
Eiser tot cassatie — verweerder in cassatie — verder te noemen X. — heeft bij exploot van 16 jan. 1985 verweerder in cassatie — verder ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.