Einde inhoudsopgave
RvdW 1988, 213
HR, 09-12-1988, nr. 13347
HR 09-12-1988, ECLI:NL:PHR:1988:AC1166
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
9 december 1988
- Magistraten
De Groot, Hermans, Verburgh
- Zaaknummer
13347
- LJN
AC1166
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1988:AC1166, Uitspraak, Hoge Raad, 09‑12‑1988
ECLI:NL:PHR:1988:AC1166, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 09‑12‑1988
- Wetingang
RO art. 101a
Essentie
Vaststelling van de omvang van schade. Verwerping van cassatieberoep met toepassing van art. 101a Wet RO
Partij(en)
Hubertus Jacobus Driessen, te Ospel, eiser tot cassatie, adv. Mr. J.C. van Oven,
tegen
Amsterdam-Rotterdam Bank NV, te Amsterdam, verweerster in cassatie, adv. Mr. J.L.W. Sillevis Smitt.
Uitspraak
Rechtbank:
3
De Rb. acht onvoldoende aangetoond dat goederen aan de boedel zijn onttrokken, in het bijzonder of de gestelde goederen wel tot de boedel hebben behoord gelijk gedaagden betwisten.
De Rb. zal daartoe een deskundige benoemen teneinde aan de hand van de inbrengbalans, de aan‑ en verkoopfacturen en overige ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.