Einde inhoudsopgave
RvdW 1989, 153
HR, 02-06-1989, nr. 13442
HR 02-06-1989, ZC4046 (Uitspraak)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
2 juni 1989
- Magistraten
Martens, De Groot, Bloembergen, Verburgh, Roelvink
- Zaaknummer
13442
- LJN
ZC4046
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
Uitspraak, Hoge Raad, 02‑06‑1989
- Wetingang
ZW art. 52a; WW art. 31 lid 1
Essentie
Verhaalsvordering van bedrijfsvereniging. Werking van art. 52a Ziektewet in verband met art. 31 lid 1 aanhef en letter g Werkloosheidswet (WW).
Samenvatting
De vraag of art. 52a Ziektewet meebrengt dat (ook) de toepasselijkheid van genoemde WW-bepaling moet worden weggedacht met als resultaat dat in de door art. 52a bedoelde fictieve situatie de WW-uitkeringen niet geacht kunnen worden te zijn weggevallen als gevolg van het ongeval, moet ontkennend worden beantwoord. Het gemis van WW-uitkeringen gedurende arbeidsongeschiktheid vormt evenzeer door de gelaedeerde in zijn vermogen geleden schade als het tijdens die periode derven van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.