NJ 1993, 271
HR, 04-12-1992, nr. 14824: Mast Holding
HR 04-12-1992, ECLI:NL:HR:1992:ZC0782, m.nt. J.M.M. Maeijer (Mast Holding,Meijers/Mast Holding)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
4 december 1992
- Magistraten
Snijders, Bloembergen, Mijnssen, Davids, Heemskerk
- Zaaknummer
14824
- Conclusie
A-G Mok
- Noot
J.M.M. Maeijer
- LJN
ZC0782
- Roepnaam
Mast Holding
Meijers/Mast Holding
- JCDI
JCDI:ADS63000:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Arbeidsrecht / Algemeen
Financieel recht / Bank- en effectenrecht
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Economische ordening
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1992:ZC0782, Uitspraak, Hoge Raad, 04‑12‑1992
- Wetingang
BW art. 7A:1639s; BW art. 2:217; BW art. 2:239
Essentie
Ontslag bestuurder vennootschap; kennelijk onredelijk ontslag. Weigering bestuurder om beleid algemene vergadering van aandeelhouders uit te voeren; beleid in periode vóórafgaand aan formeel bestuurderschap. Verantwoordelijkheid individuele bestuurder.
Samenvatting
De weigering van een bestuurder van een vennootschap om een door de algemene vergadering van aandeelhouders gewenst beleid uit te voeren kan een redelijke grond voor ontslag zijn. Of die weigering in concreto een redelijke grond oplevert, hangt af van de aard van het door de algemene vergadering gewenste beleid en van de overige omstandigheden. Daarbij mag de periode worden betrokken waarin de ontslagen bestuurder weliswaar nog geen bestuurder was, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.