Einde inhoudsopgave
RvdW 1993, 172
HR, 17-09-1993, nr. 8239
HR 17-09-1993, ECLI:NL:HR:1993:ZC1065
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 september 1993
- Magistraten
Martens, Roelvink, Davids, Neleman, Swens-Donner
- Zaaknummer
8239
- LJN
ZC1065
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1993:ZC1065, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑09‑1993
- Wetingang
ABW art. 59 lid 2 (oud); ABW art. 7 lid 1 onder b
Essentie
Verhaal van bijstand op betrokkene zelf i.v.m. uitkering na scheiding en deling huwelijksgoederengemeenschap (art. 59, lid 2 (oud) ABW). Bescheiden vermogen (art. 7, lid 1 sub b ABW).
Samenvatting
Niet als juist kan worden aanvaard het betoog dat, nu aan uitkeringsgerechtigden die reeds ten tijde van de aanvraag van bijstand over eigen middelen beschikken, wordt toegestaan dat zij op deze middelen interen op de voet van anderhalf maal het bijstandsbedrag, uitkeringsgerechtigden die ten tijde van de aanvraag nog slechts aanspraken hebben op in de toekomst beschikbaar komende middelen, niet minder gunstig mogen worden behandeld. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.