Einde inhoudsopgave
RvdW 1994, 35
HR, 21-01-1994, nr. 15235
HR 21-01-1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1238
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 januari 1994
- Magistraten
Snijders, Roelvink, Neleman, Heemskerk, Nieuwenhuis
- Zaaknummer
15235
- LJN
ZC1238
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1994:ZC1238, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑01‑1994
- Wetingang
Essentie
Kracht van gewijsde van beslissing in hoger beroep waartegen geen beroep in cassatie is ingesteld.
Samenvatting
(Vervolg op HR 27 april 1984, NJ 1984, 789 m.nt. WHH)
Hof laat eiser toe tot bewijslevering en verwijst daartoe naar rechtbank. Rechtbank wijst na enquête de vordering af. Eiser klaagt vervolgens in hoger beroep bij ander hof over bewijslastverdeling.
Hoge Raad: over de bewijslastverdeling kon niet meer worden geklaagd, omdat de beslissing hieromtrent niet is gegeven door de rechtbank, maar in de eerdere uitspraak van het hof waartegen geen beroep in cassatie is ingesteld, zodat deze onaantastbaar is ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.