Einde inhoudsopgave
RvdW 1994, 153
HR, 01-07-1994, nr. 8507
HR 01-07-1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1425
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 juli 1994
- Magistraten
Martens, Mijnssen, Neleman, Heemskerk, Swens-Donner
- Zaaknummer
8507
- LJN
ZC1425
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht / Algemeen
Openbare orde en veiligheid / Bijzondere onderwerpen
Personen- en familierecht / Bescherming meerderjarige
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1994:ZC1425, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑07‑1994
- Wetingang
Essentie
Wet bijzondere opnemingen psychiatrische ziekenhuizen. Voorlopige machtiging na inbewaringstelling. Geneeskundige verklaring, niet door geneesheer-directeur zelf opgesteld; ondertekening door geneesheer-directeur. Horen geneesheer-directeur.
Samenvatting
De verklaring bedoeld in art. 16 lid 1 BOPZ behoeft niet door de geneesheer-directeur zelf te zijn opgesteld, maar mag door een aan het psychiatrisch ziekenhuis verbonden arts worden opgesteld. De verklaring moet wel door de geneesheer-directeur zelf zijn ondertekend.
Blijkens art. 8 lid 4, aanhef en onder g doet de rechter zich, zo mogelijk, voorlichten door degene die de in art. 5 bedoelde verklaring heeft afgegeven. Gelet op de verwijzing in art. 31 naar de art. 8 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.