Einde inhoudsopgave
RvdW 1995, 253
HR, 01-12-1995, nr. 8688
HR 01-12-1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1907
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
1 december 1995
- Magistraten
Royer, Roelvink, Neleman, Heemskerk, Swens-Donner
- Zaaknummer
8688
- LJN
ZC1907
- Vakgebied(en)
Sociale zekerheid algemeen / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1995:ZC1907, Uitspraak, Hoge Raad, 01‑12‑1995
- Wetingang
ABW art. 59a
Essentie
Terugvordering bijstand van partner ex art. 59a lid 2 ABW; partner onkundig van de bijstandsverlening.
Samenvatting
Een verzoek tot terugvordering van de persoon met wiens middelen bij de verlening van bijstand rekening had moeten worden gehouden, is blijkens de wetsgeschiedenis niet voor toewijzing vatbaar ingeval die persoon aannemelijk maakt ten tijde van de bijstandsverlening daarvan onkundig te zijn geweest.
Partij(en)
W., te Ochtrup, Bondsrepubliek Duitsland, verzoekster tot cassatie, adv. mr F.J. de Vries,
tegen
De Gemeente Brederwiede, te Vollenhove, verweerster in cassatie, adv. mr J.P. Heering.
Uitspraak
Rechtbank:
(…)
2
W. heeft tegen de bestreden beschikking ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.