NJ 1996, 609
Ontslag op staande voet; dringende reden tot ontslag niet onverwijld meegedeeld / stelplicht werkgever/ proceskostenveroordeling in cassatie niet verschenen curator
HR 26-04-1996, ECLI:NL:HR:1996:ZC2052 (Bol/Kuiper)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26 april 1996
- Magistraten
Snijders, Mijnssen, Korthals Altes, Heemskerk, Herrmann, Mok
- Zaaknummer
15996
- LJN
ZC2052
- Roepnaam
Bol/Kuiper
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Arbeidsrecht / Algemeen
Arbeidsrecht / Arbeidsovereenkomstenrecht
Insolventierecht / Faillissement
Verbintenissenrecht / Overeenkomst
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1996:ZC2052, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑04‑1996
- Wetingang
BW art. 7A:1639o; Fw art. 25; Fw art. 27; Fw art. 28
Essentie
Ontslag op staande voet; dringende reden tot ontslag niet onverwijld meegedeeld. Stelplicht werkgever. Veroordeling in de proceskosten van in cassatie niet verschenen curator van werknemer.
Samenvatting
Terecht is de rechtbank ervan uitgegaan dat de stelplicht ter zake van het voldaan zijn aan de eis dat de dringende reden tot ontslag onverwijld aan de werknemer is meegedeeld op de werkgever rustte. Niet kan worden gezegd dat de rechtbank de werkgever voor een onaanvaardbare verrassing heeft gesteld door op dit punt in te gaan. Dat over het onderhavige punt door partijen nauwelijks is gedebatteerd, is immers het gevolg van het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.