Einde inhoudsopgave
RvdW 1997, 206
HR, 24-10-1997, nr. 16350
HR 24-10-1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2466
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
24 oktober 1997
- Magistraten
Roelvink, Korthals Altes, Neleman, Heemskerk, Jansen
- Zaaknummer
16350
- Conclusie
A-G De Vries Lentsch-Kostense
- LJN
ZC2466
- Vakgebied(en)
Vermogensrecht (V)
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Verbintenissenrecht / Schadevergoeding
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:1997:ZC2466, Uitspraak, Hoge Raad, 24‑10‑1997
- Wetingang
BW art. 6:81; BW art. 6:82; BW art. 6:83; BW art. 6:85; BW art. 6:119; BW art. 6:162
Essentie
Onrechtmatige daad Bedrijfsvereniging bestaande in onjuist, door bestuursrechter vernietigd besluit tot terugvordering van AAW/WAO-uitkering. Vordering wettelijke rente over het bedrag van de verschuldigde schadevergoeding. Onmiddellijke opeisbaarheid van de vordering tot vergoeding van — uit haar aard terstond geleden — schade. Wettelijke rente verschuldigd vanaf de dag waartegen is aangemaand, in casu 15 jan. 1990. Opeisbaarheid van het recht op uitkering irrelevant.
Samenvatting
Van de AAW/WAO-uitkering van betrokkene wordt door de Bedrijfsvereniging een bedrag van totaal ƒ 16 265,61 teruggevorderd. Ingevolge de vernietiging van het terugvorderingsbesluit door de RvB en de bevestiging daarvan door de CRvB wordt op 5 augustus 1993 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.