Ondernemingsrecht 1999, 3
HR, 30-10-1998, nr. C97/201
HR 30-10-1998, C97/201, m.nt. M.G. Rood
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
30 oktober 1998
- Zaaknummer
C97/201
- Noot
M.G. Rood
- JCDI
JCDI:ADS877990:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht (V)
- Wetingang
BW art. 7:680a
Essentie
Matiging loonvordering jo. de vzv—systematiek. Art. 7:680a BW.
Uitspraak
Feiten
Oztürk treedt in 1985 in dienst van VBS B.V., een verwerkingsbedrijf voor bouw- en sloopafval. Op 18 december 1990 krijgt hij ontslag op staande voet. Hij legt zich daarbij niet neer, doch vordert per 2 april 1991 in rechte nietigverklaring van het ontslag en doorbetaling van loon, vermeerderd met de wettelijke verhoging en de wettelijke rente.
De kantonrechter ontzegt de vordering, doch de rechtbank vernietigt in appel die beslissing. Zij acht het ontslag nietig. De loonvordering wijst zij toe tot 1 april 1991 (ten bedrage van ƒ 5 915 netto), ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.