RSV 2001, 72
HR, 22-12-2000, nr. R00/063HR
HR 22-12-2000, ECLI:NL:HR:2000:AA9140
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
22 december 2000
- Magistraten
Neleman, Heemskerk, Jansen, Aaftink, De Savornin Lohman
- Zaaknummer
R00/063HR
- LJN
AA9140
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Sociale zekerheid algemeen (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2000:AA9140, Uitspraak, Hoge Raad, 22‑12‑2000
ECLI:NL:PHR:2000:AA9140, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 22‑12‑2000
- Wetingang
ABW art. 59a lid 2; ABW (tekst tot 1 juli 1997) art. 84 lid 2
Essentie
Terugvordering bijstand van partner
Samenvatting
Ingeval gezinsbijstand is verstrekt biedt art. 59a lid 2 (oud) ABW geen grond voor terugvordering van de partner met wiens middelen bij de verlening van bijstand ten onrechte geen rekening is gehouden. Hetzelfde heeft te gelden met betrekking tot art. 84 lid 2 Abw, zoals dat luidde in 1996. Ook uit die bepaling volgt dat verlening van gezinsbijstand aan — in het onderhavige geval — de vrouw niet ‘achterwege is gebleven’.
Voorgaande uitspraak
M., te H., verzoeker tot cassatie, adv. mr. E. Grabandt,
De Gemeente H., te H., verweerster in cassatie, niet verschenen.