AB 2002, 334
Cassatie in belang der wet; aan begrip belanghebbende in art. 200 Landinrichtingswet komt in beginsel dezelfde betekenis toe als daaraan toekomt in art. 1:2 Awb met inbegrip van lid 3 van die bepaling; milieufederatie als belanghebbende.
HR 21-06-2002, ECLI:NL:HR:2002:AF3670, m.nt. P.J.J. van Buuren (ruilverkaveling Sint-Oedenrode)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
21 juni 2002
- Magistraten
Korthals Altes, Monné, Van Amersfoort, Van den Berge, Van Maanen, Mok
- Zaaknummer
1368
- Noot
P.J.J. van Buuren
- LJN
AF3670
- Roepnaam
ruilverkaveling Sint-Oedenrode
- JCDI
JCDI:ADS864370:1
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen / Besluit (algemeen)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2002:AF3670, Uitspraak, Hoge Raad, 21‑06‑2002
- Wetingang
AWB art. 1:2 lid 3; Landinrichtingswet art. 200
Samenvatting
Uit de wetsgeschiedenis moet worden afgeleid dat de wetgever de Landinrichtingswet heeft gerekend tot de bijzondere bestuursrechtelijke wetgeving, waarvoor de beoogde terminologie voortaan zou gelden. Aan het begrip ‘belanghebbende’ in art. 200 Landinrichtingswet moet derhalve in beginsel dezelfde betekenis worden toegekend als daaraan toekomt in art. 1:2 Awb. Voor het onderhavige geval is met name ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.