NJ 2005, 102
Erfrecht. Bevoegdheid legataris-erfgenaam aanvaarding legaat met verwerping nalatenschap. Art. 4:1019 en 1085 lid 2 (oud) BW: strekking. Anticipatie op art. 4:120 BW? Devolutieve werking hoger beroep. Onrechtmatige daad of misbruik van recht crediteur/legataris tegenover medecrediteuren?; beoordeling aan hand van alle omstandigheden van geval.
HR 07-03-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF1790, m.nt. W.M. Kleijn (Buysse/Swinkels)
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 maart 2003
- Magistraten
Mrs. R. Herrmann, J.B. Fleers, H.A.M. Aaftink, P.C. Kop, F.B. Bakels
- Zaaknummer
C01/107HR
- Conclusie
A-G De Vries Lentsch-Kostense
- Noot
W.M. Kleijn
- LJN
AF1790
- Roepnaam
Buysse/Swinkels
- JCDI
JCDI:ADS143225:1
- Vakgebied(en)
Erfrecht / Testamenten
Goederenrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Insolventierecht / Faillissement
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
Burgerlijk procesrecht / Hoger beroep
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2003:AF1790, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑03‑2003
ECLI:NL:PHR:2003:AF1790, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 07‑03‑2003
- Wetingang
BW art. 3:13; BW art. 6:162; BW art. 4:120; BW (oud) art. 4:1019; BW (oud) art. 4:1085 lid 2; BW (oud) art. 4:1153; Fw art. 198 e.v.; Rv art. 343; Rv art. 347
Essentie
Erfrecht. Bevoegdheid legataris-erfgenaam aanvaarding legaat met verwerping nalatenschap. Art. 4:1019 en 1085 lid 2 (oud) BW: strekking. Anticipatie op art. 4:120 BW? Devolutieve werking hoger beroep. Onrechtmatige daad of misbruik van recht crediteur/legataris tegenover medecrediteuren?; beoordeling aan hand van alle omstandigheden van geval.
De legataris die tevens erfgenaam is, is bevoegd enerzijds de nalatenschap te verwerpen en anderzijds het legaat te aanvaarden. Art. 4:1019 (vermindering van legaten) en 4:1085 lid 2 (verhaal schuldeisers tegenover legatarissen) (oud) BW hebben alleen betrekking op het geval dat de nalatenschap beneficiair is aanvaard ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.