Einde inhoudsopgave
RvdW 2003, 98
‘Uitzendrechten’ voetbalwedstrijden; KNVB als organiserende bond medegerechtigd? Betreffen uitzendrechten een ‘éénlijnsprestatie’?
HR 23-05-2003, ECLI:NL:PHR:2003:AF4607
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
23 mei 2003
- Magistraten
P. Neleman, J.B. Fleers, H.A.M. Aaftink, A. Hammerstein, P.C. Kop
- Zaaknummer
C01/255HR
- Conclusie
A-G Verkade
- LJN
AF4607
- Vakgebied(en)
Intellectuele-eigendomsrecht / Algemeen
Verbintenissenrecht / Aansprakelijkheid
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2003:AF4607, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 23‑05‑2003
ECLI:NL:PHR:2003:AF4607, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 23‑05‑2003
- Wetingang
BW art. 6:162
Essentie
‘Uitzendrechten’ voetbalwedstrijden; KNVB als organiserende bond medegerechtigd? Betreffen uitzendrechten een ‘éénlijnsprestatie’?
Uit HR 23 oktober 1987, NJ 1988, 310, waarin werd beslist dat de KNVB en de clubs op grond van de bevoegdheden die zij aan het eigendoms- of gebruiksrecht van de stadions of wedstrijdterreinen kunnen ontlenen gerechtigd zijn zich in die zin te verzetten tegen het uitzenden van rapportages per televisie of radio dat zij voor hun toestemming tot uitzending een vergoeding mogen verlangen, volgt niet dat de KNVB in zijn verhouding tot de clubs medegerechtigd zou zijn tot de ‘uitzendrechten’. Er bestaat geen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.