JOL 2003, 413
Aansprakelijkheid bestuurder: indirecte doorbraak aansprakelijkheid; bijzondere aansprakelijkheidsregeling van art. 2:248 BW sluit aansprakelijkheid ex art. 6:162 BW niet uit. Bewijsaanbod.
HR 05-09-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF8257
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 september 2003
- Magistraten
R. Herrmann, O. de Savornin Lohman, A.M.J. van Buchem-Spapens
- Zaaknummer
C01/288HR
- Conclusie
A-G De Vries Lentsch-Kostense
- LJN
AF8257
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Verbintenissenrecht / Onrechtmatige daad
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2003:AF8257, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 05‑09‑2003
ECLI:NL:HR:2003:AF8257, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 05‑09‑2003
Essentie
Aansprakelijkheid bestuurder: indirecte doorbraak aansprakelijkheid; bijzondere aansprakelijkheidsregeling van art. 2:248 BW sluit aansprakelijkheid ex art. 6:162 BW niet uit. Bewijsaanbod.
Met toepassing van art. 81 RO verworpen cassatieklachten tegen 's Hofs oordeel dat thans eiser tot cassatie, bestuurder van een inmiddels failliete B.V., jegens thans verweerster in cassatie is gehouden tot schadevergoeding nu hij jegens haar onrechtmatig heeft gehandeld door de aan verweerster toebehorende vrachtwagen te verkopen aan een Spaans bedrijf terwijl hij wist of kon weten dat verweerster en niet de B.V. eigenaar was, en dat de omstandigheid dat de B.V. in staat van faillissement ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.