NJ 2004, 583
Grenzen rechtsstrijd in appel. Eigendom strook grond; bewijslast.
HR 05-09-2003, ECLI:NL:HR:2003:AF7897
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
5 september 2003
- Magistraten
Mrs. P. Neleman, J.B. Fleers, D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens, F.B. Bakels
- Zaaknummer
C01/330HR
- Conclusie
A-G Langemeijer
- LJN
AF7897
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Vermogensrecht (V)
Burgerlijk procesrecht / Bewijs
Burgerlijk procesrecht / Eerste aanleg
Goederenrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2003:AF7897, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 05‑09‑2003
ECLI:NL:HR:2003:AF7897, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 05‑09‑2003
- Wetingang
Rv art. 177 (oud)
Essentie
Grenzen rechtsstrijd in appel. Eigendom strook grond; bewijslast.
Nu het Hof de grieven niet aldus heeft opgevat dat deze ook een grief inhielden tegen het oordeel van de Rechtbank dat de levering aan thans verweerders in cassatie ook de linkerhelft van de litigieuze toegangsweg omvatte, stond in hoger beroep niet langer ter discussie dat de linkerhelft aan verweerders was (mee)geleverd. Niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting geeft 's Hofs oordeel dat thans eisers tot cassatie dienden te bewijzen dat aan de levering aan verweerders geen geldige titel ten grondslag lag nu verweerders gemotiveerd — immers door onbetwist te stellen dat ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.