FJR 2003, 59
HR, 10-10-2003, nr. R02/095HR
HR 10-10-2003, ECLI:NL:HR:2003:AL8115
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 oktober 2003
- Zaaknummer
R02/095HR
- LJN
AL8115
- Vakgebied(en)
Onbekend (V)
Personen- en familierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2003:AL8115, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 10‑10‑2003
ECLI:NL:HR:2003:AL8115, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 10‑10‑2003
Uitspraak
Geschil: In geschil is de vraag of de echtscheidingsprocedure en de procedure in het kader van de voorlopige voorzieningen als afzonderlijke procedures moeten worden gezien, zodat de domiciliekeuze in de laatstbedoelde procedure niet kan worden aangemerkt als domiciliekeuze in de eerstbedoelde procedure.
Hoge Raad: Hoewel de procedure tot het verkrijgen van voorlopige voorzieningen en de echtscheidingsprocedure nauw samenhangen, vertonen zij ook verschillen. Wat de hier te beantwoorden vraag betreft, is met name van belang dat het verzoekschrift tot het treffen van voorlopige voorzieningen niet aan de wederpartij behoeft te worden betekend, terwijl ingevolge art. 816 lid 1 Rv ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.