JOL 2004, 425
Wet Bopz; voorlopige machtiging; nodige bereidheid tot verblijf in psychiatrisch ziekenhuis?
HR 03-09-2004, ECLI:NL:PHR:2004:AQ0464
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 september 2004
- Magistraten
Mrs. R. Herrmann, D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens
- Zaaknummer
R04/080HR
- Conclusie
A-G Langemeijer
- LJN
AQ0464
- Vakgebied(en)
Gezondheidsrecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2004:AQ0464, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 03‑09‑2004
ECLI:NL:PHR:2004:AQ0464, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑09‑2004
Essentie
Wet Bopz; voorlopige machtiging; nodige bereidheid tot verblijf in psychiatrisch ziekenhuis?
Met toepassing van art. 81 RO verworpen cassatieklachten tegen het oordeel van de rechtbank dat bij thans verzoeker tot cassatie (ten aanzien van wie naar het oordeel van de rechtbank is voldaan aan de vereisten van ‘een ziekelijke stoornis van de geestvermogens’ en ‘het gevaarscriterium’) onvoldoende sprake is van de nodige bereidheid tot verblijf in een psychiatrisch ziekenhuis nu betrokkene zijn eigen voorwaarden daaraan stelt.
Partij(en)
[Verzoeker], te [woonplaats], verzoeker tot cassatie, adv. mr. G.E.M. Later.
Voorgaande uitspraak
[Verzoeker], te [woonplaats], verzoeker tot cassatie, ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.