Einde inhoudsopgave
RvdW 2004, 135
Internationaal privaatrecht. ‘Latere vermelding’ van buitenlandse uitspraak op geboorteakte; openbare orde-exceptie van art. 1:20b lid 1 BW: strekking. Belgische uitspraak inzake adoptie meerderjarigen; Nederlands-Belgisch Executieverdrag 1925; voorwaarden voor erkenning; toetsing aan openbare oorde; geen ‘conflictenrechtelijke toetsing’.
HR 03-12-2004, ECLI:NL:PHR:2004:AR2782
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
3 december 2004
- Magistraten
Mrs. P. Neleman, D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens, E.J. Numann, J.C. van Oven
- Zaaknummer
R03/145HR
- Conclusie
A-G L. Strikwerda
- LJN
AR2782
- Vakgebied(en)
Internationaal privaatrecht (V)
Personen- en familierecht / Personenrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2004:AR2782, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 03‑12‑2004
ECLI:NL:PHR:2004:AR2782, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 03‑12‑2004
- Wetingang
BW art. 1:20b; Nederlands Belgisch Executieverdrag 1925 art. 11
Essentie
Internationaal privaatrecht. ‘Latere vermelding’ van buitenlandse uitspraak op geboorteakte; openbare orde-exceptie van art. 1:20b lid 1 BW: strekking. Belgische uitspraak inzake adoptie meerderjarigen; Nederlands-Belgisch Executieverdrag 1925; voorwaarden voor erkenning; toetsing aan openbare oorde; geen ‘conflictenrechtelijke toetsing’.
Ingevolge art. 1:20b lid 1 BW wordt van een door een bevoegde buitenlandse rechter gedane uitspraak een latere vermelding aan de desbetreffende geboorteakte toegevoegd, tenzij de Nederlandse openbare orde zich daartegen verzet. Met dit laatste wordt — blijkens de wetsgeschiedenis — bedoeld dat de latere vermelding wordt geweigerd indien de buitenlandse uitspraak niet overeenstemt met de regels op het punt van de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.