JOW 2006, 41
wederrechtelijk verkregen voordeel; verschoningsrecht; onderscheid partners
HR 31-05-2005, ECLI:NL:HR:2005:AS2748
- Instantie
Hoge Raad (Strafkamer)
- Datum
31 mei 2005
- Magistraten
Bleichrodt, Van Dorst, De Savornin Lohman, Ilsink, Splinter-van Kan
- Zaaknummer
02047/04B
- LJN
AS2748
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Strafprocesrecht / Voorfase
Internationaal belastingrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:PHR:2005:AS2748, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 31‑05‑2005
ECLI:NL:HR:2005:AS2748, Uitspraak, Hoge Raad (Strafkamer), 31‑05‑2005
- Wetingang
Sv art. 217 lid 3; EVRM art. 8
Essentie
wederrechtelijk verkregen voordeel; verschoningsrecht; onderscheid partners
Samenvatting
Het verschoningsrecht ex art. 217.3 Sv strekt tot bescherming van het tussen de in dat voorschrift bedoelde partners bestaande ‘family life’ ex art. 8 EVRM. Door dit recht wel aan gehuwde en geregistreerde partners, maar niet aan andere partners toe te kennen, ook niet als die partners duurzaam samenleven, maakt de wet onderscheid tussen de hier bedoelde verschillende vormen van samenleven. Zo al kan worden gesproken van een ongelijke behandeling van gelijke gevallen, bestaat voor die ongelijke behandeling een redelijke en objectieve rechtvaardiging, in aanmerking genomen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.