AB 2005, 436
Belanghebbende heeft geen feiten gesteld ter zake van tijdige terpostbezorging van het beroepschrift. Ambtshalve oordeel van het Hof dat beroepschrift niet tijdig ter post is bezorgd is daarom geen bewijsoordeel. Verzet ongegrond.
HR 11-11-2005, ECLI:NL:HR:2005:AU6023, m.nt. R.J.G.M. Widdershoven
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 november 2005
- Magistraten
Mrs. Monné, Van Amersfoort, Van Maanen
- Zaaknummer
40 911
- Noot
R.J.G.M. Widdershoven
- LJN
AU6023
- JCDI
JCDI:ADS864519:1
- Vakgebied(en)
Bestuursprocesrecht / Hoger beroep
Onbekend (V)
Bestuursrecht algemeen (V)
Bestuursprocesrecht / Administratief beroep
Bestuursprocesrecht / Algemeen
Bestuursprocesrecht / Beroep
Bestuursprocesrecht / Bezwaar
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2005:AU6023, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑11‑2005
- Wetingang
Awb art. 6:7; Awb art. 6:9 lid 2; Awb art. 8:54; Awb art. 8:55
Essentie
Belanghebbende heeft geen feiten gesteld ter zake van tijdige terpostbezorging van het beroepschrift. Ambtshalve oordeel van het Hof dat beroepschrift niet tijdig ter post is bezorgd is daarom geen bewijsoordeel. Verzet ongegrond.
Samenvatting
De klacht dat het Hof in de verzetprocedure belanghebbende de gelegenheid had moeten bieden aan te tonen dat het beroepschrift tijdig ter post was bezorgd, faalt, reeds omdat uit 's Hofs uitspraken of de stukken van het geding niet blijkt dat belanghebbende dienaangaande voor het Hof enig feit heeft gesteld. Het oordeel van het Hof dat er, gelet op de poststempel, geen reden is om ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.