RFR 2007, 3
Afstammingsrecht. Heeft Nederlands/Marokkaanse man een Marokkaans kind erkend door met diens moeder in Marokko een ‘Toeboet Zaouija’-huwelijk te sluiten dan wel kan hij in Nederland het kind erkennen?
HR 10-11-2006, ECLI:NL:HR:2006:AY5698
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 november 2006
- Magistraten
Mrs. J.B. Fleers, O. de Savornin Lohman, E.J. Numann, J.C. van Oven, W.D.H. Asser
- Zaaknummer
R05/041HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
AY5698
- JCDI
JCDI:ADS871343:1
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Onbekend (V)
Personen- en familierecht / Afstamming en adoptie
Juridische beroepen / Rechter
Internationaal belastingrecht / Algemeen
Internationaal privaatrecht / Conflictenrecht
Personen- en familierecht / Huwelijk, relaties en echtscheiding
Staatsrecht / Rechtspraak
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2006:AY5698, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑11‑2006
ECLI:NL:PHR:2006:AY5698, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 28‑07‑2006
Beroepschrift, Hoge Raad, 21‑03‑2005
- Wetingang
BW art. 1:204; EVRM art. 8; RO art. 79; Wet Conflictenrecht Afstamming art. 4; WCH art. 5
Essentie
Heeft Nederlands/Marokkaanse man een Marokkaans kind erkend door met diens moeder in Marokko een ‘Toeboet Zaouija’-huwelijk te sluiten dan wel kan hij in Nederland het kind erkennen?
Samenvatting
Het gaat in deze zaak om de vraag of een Nederlands/Marokkaanse man, gehuwd met een Nederlands/Marokkaanse vrouw, geacht kan worden een Marokkaans kind van een Marokkaanse moeder te hebben erkend doordat hij met die moeder in Marokko een zogenaamde ‘Toeboet Zaouija’-huwelijk heeft gesloten en, zo nee, of hij bevoegd is het kind in Nederland te erkennen. Heeft de man hiertoe de toestemming van de Marokkaanse moeder althans vervangende toestemming van ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.