JOL 2006, 694
Aanvraag faillissement door schuldeiser. Hoger beroep; taak rechter. Indien op een daartoe strekkende aanvraag een faillietverklaring is uitgesproken, bepaalt de daarmee ingetreden toestand van faillissement de rechtspositie van alle schuldeisers. Daarbij past dat de appelrechter niet reeds gehouden is het vonnis van faillietverklaring te vernietigen op de enkele grond dat de schuldenaar stelt, en de aanvrager niet weerspreekt of zelfs erkent, dat het aan de rechter in eerste aanleg summierlijk gebleken vorderingsrecht van de aanvrager niet bestaat. Ook in zo'n geval mag de appelrechter dus zelfstandig beoordelen of summierlijk blijkt van het vorderingsrecht van de aanvrager.
HR 10-11-2006, ECLI:NL:PHR:2006:AY6204 (Hesco/Freudenberg)
- Instantie
Hoge Raad (Civiele kamer)
- Datum
10 november 2006
- Magistraten
Mrs. D.H. Beukenhorst, A.M.J. van Buchem-Spapens, P.C. Kop, E.J. Numann, J.C. van Oven
- Zaaknummer
R06/059HR
- Conclusie
A-G Strikwerda
- LJN
AY6204
- Roepnaam
Hesco/Freudenberg
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Insolventierecht (V)
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2006:AY6204, Uitspraak, Hoge Raad (Civiele kamer), 10‑11‑2006
ECLI:NL:PHR:2006:AY6204, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 10‑11‑2006
Beroepschrift, Hoge Raad, 16‑05‑2006
Essentie
Aanvraag faillissement door schuldeiser. Hoger beroep; taak rechter.
Indien op een daartoe strekkende aanvraag een faillietverklaring is uitgesproken, bepaalt de daarmee ingetreden toestand van faillissement de rechtspositie van alle schuldeisers. Daarbij past dat de appelrechter niet reeds gehouden is het vonnis van faillietverklaring te vernietigen op de enkele grond dat de schuldenaar stelt, en de aanvrager niet weerspreekt of zelfs erkent, dat het aan de rechter in eerste aanleg summierlijk gebleken vorderingsrecht van de aanvrager niet bestaat. Ook in zo'n geval mag de appelrechter dus zelfstandig beoordelen of summierlijk blijkt van het vorderingsrecht van de aanvrager.
Partij(en)
- 1. ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.